Handomtrek

rode-stippen-medium

Als Alfred Issendorf in Nooit meer slapen van Willem Frederik Hermans de top van de berg Vuorje bereikt, sombert hij in een prachtige monologue intérieur die een hoogtepunt (of dieptepunt) van het boek is:

Overal waar hij [de mens] leeft, heeft hij het al moeilijk en hij hoeft maar naar het uiterste Noorden, het uiterste Zuiden te gaan, hij hoeft maar op een berg te klimmen en hij komt aan het eind van zijn mogelijkheden.

Mijn History of Art van H.W. Janson dateert uit 1986 en begint 17.000 jaar geleden met grottekeningen in Altamira en Lascaux. De meeste tekeningen in de grot Chauvet – die pas in 1994 ontdekt werd – zijn bijna twee keer zo oud: 30.000 jaar.

Verder terugkijken kunnen we niet. Met de grot Chauvet zijn wij aan het eind van onze mogelijkheden, om met Hermans te spreken.

En wat zien we als we terugkijken naar die alleroudste sporen? Enorm veel dieren. Een mammoet van rode stippen. Een handomtrek.

handomtrek-medium

De grot Chauvet

de-grot-chauvet-medium

Op de avond van 18 december 1994 waren wij de eerste drie mensen die na zo’n twintigduizend jaar ’s werelds mooiste grot met tekeningen binnentraden: de grot Chauvet.

Met die zin begint dit boek. Jaren geleden las ik het. Een ongelooflijk verhaal over drie speleologen in de Ardèche die een grot ontdekken.

Het boek ging terug naar de bibliotheek en naarmate er tijd verstreek, kreeg ik steeds meer het gevoel dat ik fictie gelezen had. Bestond die grot eigenlijk wel? Waren die grottekeningen echt? Waarom hoor je wel over Lascaux en Altamira en nooit over Chauvet?

Toen ik het boek nog eens wilde lenen, bleek het zoek. Wás het nou fictie, deze beschrijving van, wat ik bij gebrek aan een beter woord maar even noem, een jongensdroom?

Onlangs heb ik het via boekwinkeltjes.nl teruggevonden. En nee, het is geen fictie. Het is net of alles wat je aan kunst en religie kunt toeschrijven al aanwezig is in deze oudste grotschilderingen ter wereld.

1994: zelfs in onze huidige tijd is het blijkbaar nog mogelijk een spectaculaire ontdekking te doen.

Vita Nuova

vita-nuova-medium

Dante’s Vita Nuova (1295) is een opmerkelijk toegankelijk en dun boekje. In een uurtje heb je het uit en je vergeet het nooit meer.

Deze vertaling is van Frans van Dooren, die leraar Latijn en Grieks was op mijn middelbare school. Ik heb geen gymnasium gedaan, zelf heb ik dus geen les van hem gehad.

In Vita Nuova volgt op ieder gedicht een korte toelichting van Dante zelf. Daarin vertelt hij in droge bewoordingen wat hij in het gedicht heeft willen zeggen.

Wonderlijk, deze toelichting van de dichter op wat hij in zijn gedicht beoogt. Het is ook een aansporing om zelf die vraag te stellen: wat wil ik hier eigenlijk zeggen? En zeg ik dat ook?

De dom in Aken

aachener-dom-oktagon-medium

Dit is het interieur van de dom in Aken.

Je kunt hier online rondlopen, wat heel grappig is. Je kunt zo ook naar boven kijken en naar beneden, want er is veel te zien.

De kapel van het paleis van Karel de Grote, nu het centrale deel van de dom, werd ingewijd in 805. Middenin de donkere Middeleeuwen dus, die onder andere zo heten omdat er bijna niets over bekend is.

De stad Aken heet in het Frans Aix-la-Chapelle en werkelijk, ik waande me op deze warme lentedag (34°) niet ver van Maastricht op de een of andere manier in het zuiden van Frankrijk.

Ik was er op een maandag. Het was een lawaai van jewelste, want de fundering werd vernieuwd. Op een gegeven moment hield het doffe gehamer op en zette het orgel in voor een koorrepetitie. Prachtig.

Pas toen de organist en de koorleden zich teruggetrokken hadden, het lawaai van hakken en hameren weer begon en de dom zich begon te vullen met uitgedoste kerkgangers voor de middagmis vond ik het tijd worden om te gaan.

“Piano”

yamaha-p-70-medium

“Wat een zacht pianootje.” Dat zei L. welwillend toen ze bij ons langskwam.

L. is violiste van beroep en had de digitale piano bij een eerdere gelegenheid met een zekere argwaan bekeken.

De meeste mensen vinden dit geen volwaardig instrument. Een echte piano, en anders nog liever helemaal niks.

“Hoe hard kan hij?” Dat is een vraag die ik weleens krijg. En inderdaad, zelfs met de volumeknop helemaal naar rechts geschoven klinkt deze piano nog steeds niet hard.

Puristen gruwelen ervan. Net als fotografen toen de eerste digitale camera’s op de markt verschenen.

Er is wel een verschil. Je moet kunnen spelen, of willen leren spelen, anders komt er helemaal niks uit.

Alles aan deze digitale piano is goed en in balans. Hij speelt veel beter dan de piano’s waar ik het vroeger op heb moeten leren. De piano (vleugel) klinkt heel mooi. Als bruikbaar extra zijn er samples van een DX7, een Fender Rhodes, een clavecimbel, en een pijporgel. En gelukkig kan het ook dan zacht: “piano”.

Het bord in Zundert

het-bord-in-zundert-medium

Meest ontroerende bezienswaardigheid in Zundert is wat mij betreft dit bord. Je passeert het wanneer je Zundert uitrijdt en als je niet oppast, rij je het voorbij zonder het te zien.

Het geboortehuis van Vincent van Gogh stond aan deze doorgaande weg van Amsterdam naar Parijs. Het laatste nieuws uit Parijs hoorde je in die tijd eerder in Zundert dan in Amsterdam.

Vincent van Gogh werd hier geboren op 30 mei 1853. Naast de Nederlands Hervormde kerk ligt het grafje van zijn broer die ook Vincent van Gogh heette en die precies een jaar eerder, op 30 mei 1852, dood geboren werd.

Niet ver achter het huis stroomt nog steeds de Aa.

Tegenover de plek van het geboortehuis, aan de andere kant van de doorgaande weg, staat het gemeentehuis van Zundert. Zat Vincent van Gogh in zijn slaapkamerraam, of in kleermakerszit op het plein, toen hij op tienjarige leeftijd deze tekening maakte?